Deze dode paling kwamen we tegen in de Steenwaard aan de Lek, tegenover Fort Everdingen…
Plant uitgelicht: Heelblaadjes
Heelblaadjes (Pulicaria dysenterica)
Een plant met fraaie goudgele bloemen, waarvan de aandacht in het verleden toch vooral naar de blaadjes ging: dan hebben we het over Heelblaadjes. De naamgeving heeft met de geneeskrachtige werking te maken. Heelblaadjes werd namelijk gebruikt als middel tegen dysenterie (de latijnse naam verraadt het al), een zware vorm van diarree.
De meerjarige plant kan 30 tot 60 cm hoog worden. Je ziet Heelblaadjes de hele zomer, de bloeitijd loopt van juli tot september, en hij staat altijd in groepen bijeen. Je herkent hem vooral aan de goudgele bloemen (die wel wat weghebben van kleine zonnetjes). Als je over de fijn behaarde stengels en de bladeren wrijft, komt er een karakteristieke, licht kruidige geur vrij. Probeer maar eens!

Heelblaadjes in andere talen:
Engels: Common fleabane
Duits: Großes Flohkraut
Frans: Pulicaire dysentérique
Spaans: La hierba de gato (= kattenkruid)
Noors: Strandloppeurt
Geneeskrachtige toepassing
Al eeuwenlang wordt aan Heelblaadjes een geneeskrachtige werking toegeschreven. Het werd vooral gebruikt voor:
- Dysenterie:
De botanische naam dysenterica verraadt al waar het kruid vroeger op grote schaal voor werd ingezet: het stelpen van dysenterie (een zware vorm van diarree, met bloed in de ontlasting). De bovengrondse delen van de plant werden gedroogd en verwerkt tot een aftreksel of kruidenthee om ontstekingen in het maag-darmkanaal te remmen.
Er bestaat zelfs een verhaal dat het leger van Alexander de Grote de plant ontdekte tijdens hun veldtochten. De soldaten zouden hun gewonde en door dysenterie getroffen makkers hebben genezen door de bladeren van deze plant te gebruiken. Maar of dat waar is…? - Wonden
In sommige streken van Europa werd Heelblaadjes ook gebruikt als wondkruid. Gekneusde bladeren werden op kleine wondjes en huidproblemen gelegd. - Vlooien
De geur vinden wij hooguit kruidig, maar voor vlooien en ander ‘ongedierte’ was hij waarschijnlijk een stuk minder aangenaam. Daarom werd de plant vroeger verbrand als rookmiddel of gedroogd tussen het stro gestrooid om vlooien te verjagen. De wetenschappelijke naam is niet voor niets Pulicaria, afgeleid van het Latijnse pulix, wat “vlo” betekent.
In delen van Duitsland geloofde men dat een blad, geplukt vóór zonsopkomst, extra geneeskracht bezat. Zulke ideeën kwamen vaker voor bij geneeskrachtige kruiden: het juiste moment van plukken zou de werking versterken.
De vruchten
De gele bloemhoofdjes veranderen na de bloei in compacte pluizenbolletjes vol kleine nootjes. Aan elk zaadje bevindt zich een klein kransje van haartjes (pappus). Het mechanisme van zaadverspreiding bij Heelblaadjes is voor een groot deel afhankelijk van de wind. Zodra de vruchtjes rijp zijn, laat het pluis gemakkelijk los en worden de zaden door de zomerbries naar nieuwe, vochtige plekken gewaaid om te kiemen.
Ecologisch waardevol
Heelblaadjes is een belangrijke voedselbron voor insecten in de (na)zomer. Vaste bezoekers zijn o.a. wilde bijen, zweefvliegen en dagvlinders. De bloemen bestaan uit tientallen kleine bloemetjes bij elkaar. Daardoor kunnen ook insecten met een korte tong, zoals veel zweefvliegen, gemakkelijk bij de nectar.







Comments (0)